Interview met Egbert Stremmelaar, directeur Vereniging ION

“Oppervlaktebehandelende bedrijven zijn cruciaal voor de totale maakindustrie”, zegt Egbert Stremmelaar, directeur van Vereniging ION. Hij zet in op samenwerking met alle betrokkenen. Ook met de keten, zeker gezien de vereisten voor een circulaire economie. “Circulariteit vraagt om ketenoptimalisatie”, aldus Stremmelaar in Verf & Inkt Magazine.

In 2014, hij was net directeur van ION, ging Egbert Stremmelaar op werkbezoek bij een lidbedrijf dat anodiseert. Voor het magazine van de branchevereniging was hij op zoek naar een praktijkvoorbeeld voor de rubriek ‘Trots op je vak’. Maar nee, de directeur en medewerkers konden nou niet direct iets bijzonders opnoemen. Tot Stremmelaar een aluminium vogeltje zag liggen. Toen bleek dat het bedrijf 500.000 vogels, in zeven grijstinten aan het anodiseren was. Daarvoor had het twee nieuwe kleurprocessen ontwikkeld. Met elkaar vormden deze vogels het kunstwerk ‘Dag en Nacht’ van Escher, dat later bevestigd zou worden aan de gevel van het nieuwe filharmonisch concertgebouw in Parijs. “Hoe bedoel je, niks bijzonders? We hebben het hier over werelderfgoed, media in binnen- en buitenland hebben aandacht besteed aan dit project”, zegt Stremmelaar zes jaar na dato nog steeds met ongeloof in zijn stem.

Trots op de branche
Dit gebrek aan trots en zelfbewustzijn is volgens hem een wezenlijk probleem in de branche. “Zonder deze vakmensen geen oppervlaktebehandelende bedrijven. En zonder oppervlaktebehandelende bedrijven geen innovatieve maakindustrie, die 120 miljard euro bijdraagt aan ons bruto binnenlands product en een belangrijke reden is dat Nederland de negentiende economie van de wereld is. Ik vergelijk ons werk weleens met lucht: het is overal om je heen, we zijn ervan afhankelijk, maar het valt niemand op. Letterlijk alles wat de maakindustrie produceert – machines, auto’s, schepen, elektronica, medische apparatuur, maar ook huis-, tuin- en keukenspullen – is eerst door onze handen gegaan. Want anders roest of rot het, ziet het er niet mooi uit of doet het niet wat het moet doen.”

Samenwerking
Stremmelaar gelooft in samenwerking: met de politiek, met kennisinstituten en met brancheorganisaties in aanpalende sectoren, zoals de VVVF. “Zowel de VVVF als wij hebben zo’n hoeveelheid werk op ons bord liggen, dat we beter samen kunnen optrekken. Zeker in het stoffendossier en op het gebied van wet- en regelgeving is er een overlap. Eén branchevereniging kan nooit alles alleen doen.”

Lees het volledige interview artikel in Verf&Inkt Magazine #57